Producten en diensten
Hier kunt u informatie raadplegen over gemeentelijke producten en diensten en hoe u deze kunt aanvragen.
Huishoudinkomen
Wat is de huishoudinkomenstoets?
Nieuw in 2012 is de huishoudinkomenstoets, ook wel huishoudtoets genoemd. Die houdt in dat de inkomsten van alle gezinsleden met wie u de bijstand aanvraagt meetellen voor de bijstandsuitkering. Ook het vermogen van alle gezinsleden telt mee.
U vraagt als gezin de bijstandsuitkering aan. Heeft een gezinslid inkomsten? Dan worden die van het bedrag aan (gezins)bijstand afgetrokken. Het gaat dan bijvoorbeeld om inkomsten uit:
- betaald werk;
- AOW;
- een aanvullend pensioen;
- een WW-uitkering;
- een WAO of WIA-uitkering.
Sommige inkomsten tellen niet mee voor de huishoudtoets. Dat zijn:
- inkomsten uit een Wajonguitkering. Deze uitkering telt tot 2013 niet mee, daarna wel;
- een vrijlating van zes maanden voor gezinsleden van 27 jaar en ouder. De vrijlating is 25 % van de inkomsten uit een betaalde (deeltijd)baan met een maximum van € 190,00 per maand;
- een vrijlating voor inkomsten uit een betaalde (deeltijd)baan voor alleenstaande ouders van 27 jaar en ouders met kinderen jonger dan twaalf jaar. Het gaat om een vrijlating van 12,5% van de inkomsten, met een maximum van € 120,- per maand en voor een maximumperiode van 30 maanden;
- inkomsten van kinderen tot 16 jaar;
- inkomsten van kinderen van 16 en 17 jaar tot maximaal € 827,- per maand per kind. Heeft uw kind meer inkomsten? Dan tellen de inkomsten boven dit bedrag mee voor de bijstandsuitkering;
- inkomsten van thuiswonende kinderen van 18 jaar en ouder, die studiefinanciering of een tegemoetkoming voor schoolkosten (WTOS) krijgen of kunnen krijgen. Deze inkomsten tellen niet mee als het totaal van deze inkomsten (ook uit een baantje) niet hoger zijn dan € 1.023,42 per maand. Heeft uw studerende kind meer inkomsten? Dan tellen de inkomsten boven dit bedrag mee voor de bijstandsuitkering;
- een bedrag van € 18,40 per maand voor een oudedagsvoorziening voor mensen van 65 jaar en ouder.
Heeft u al een gezinsuitkering?
Heeft u op 31 december 2011 als gezin al een of meer bijstandsuitkeringen Uw uitkering blijft in ieder geval tot 1 juli 2012 hetzelfde. Na 1 juli 2012 wordt uw uitkering - als dat nodig is - aangepast aan de nieuwe regels. U krijgt vanzelf een formulier thuisgestuurd. Hierop geeft u gegevens over uw woon- en leefsituatie. U krijgt daarna bericht over wat er met uw uitkering gaat gebeuren.
Wie hoort er in 2012 bij het gezin?
In 2012 geldt in de Wet werk en bijstand het begrip ‘Gezamenlijke huishouding’. Hiermee wordt bedoeld met wie u voor de bijstand een gezin vormt. U voert een gezamenlijke huishouding als u met een ander in dezelfde woning woont en voor elkaar zorgt. U kunt dan een bijstandsuitkering voor gehuwden of samenwonenden krijgen. Meestal hebt u een gezamenlijke huishouding met uw partner en minderjarige kinderen. Maar het is ook mogelijk een gezamenlijke huishouding te voeren met bijvoorbeeld uw broer, zus, grootmoeder, neef of een vriend of een vriendin. Ook met hen kunt u een gezin vormen.
Met wie vormt u een gezin?
Vanaf 2012 geldt dat u een gezin vormt als u in hetzelfde huis woont als:
- uw partner;
- uw meerderjarige kind(eren) en stiefkind(eren);
- de meerderjarige partner(s) van uw meerderjarige (stief)kind(eren);
- uw vader en/of moeder;
- uw broer en/of zus.
U moet samen de bijstandsuitkering aanvragen. De inkomsten van alle gezinsleden tellen mee voor de bijstandsuitkering.
Tellen de inkomsten en het vermogen van alle gezinsleden mee?
Nee, voor de bijstand worden de inkomsten en het vermogen van sommige gezinsleden in 2012 niet meegerekend. Het betreft dan:
- een gezinslid dat zorgbehoevend is;
- een thuiswonend kind van 18 jaar of ouder dat studeert en studiefinanciering (WSF) of een tegemoetkoming voor schoolkosten (WTOS) krijgt of kan krijgen. En die daarbij minder dan € 1.023,42 per maand aan inkomsten heeft. Heeft uw studerende kind meer inkomsten, bijvoorbeeld uit studiefinanciering en een bijbaan? Dan telt dit kind wél mee als gezinslid;
- een thuiswonend voormalig pleegkind van 18 jaar of ouder. Tot zijn 18e is een pleegkind officieel een pleegkind en gezinslid, daarna niet meer;
- uw huisgenoten die bij u een kamer of etage huren, waarmee u in een studentenhuis woont of waarmee u een woongroep vormt.
Bijgewerkt
26-01-2012Uitvoerende instantie
Contactgegevens
Raadhuis
Bergstraat 4
6711 DD Ede
Postbus 9022
6710 HK Ede
tel.: (0318) 68 09 11


