Vleermuis

Twee soorten vleermuizen komen bijna overal in Nederland voor: de gewone dwergvleermuis en de laatvlieger. De gewone dwergvleermuis is zo klein dat hij met ingevouwen vleugels in een luciferdoosje past. De laatvlieger is ongeveer twee keer zo groot, met uitgespreide vleugels meet hij zo'n 40 centimeter. Beide soorten leven in gebouwen en huizen.

Nestelgedrag

Door renovaties en nieuwbouw verdwijnen veel onderkomens van vleermuizen. Daarom is het belangrijk bestaande verblijfplaatsen open te houden. De aanleg van nieuwe verblijfplaatsen is belangrijk. Naast verblijfplaatsen en voldoende voeding zijn de vliegroutes tussen deze gebieden van belang. Vleermuizen maken gebruik van groene stroken zoals laanbomen en houtwallen.

Helpen

Wilt u weten hoe u de vleermuis kunt helpen? Op de website van de zoogdiervereniging vindt u meer informatie.