Rekenkamer

  • De Rekenkamer onderzoekt de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur van de gemeente Ede:
    • Haalt de gemeente de afgesproken doelen?
    • Doet ze dat binnen het afgesproken budget?
    • Voldoet het beleid aan de wettelijke kaders en regelgeving?
  • De Rekenkamer bepaalt zelf welke onderwerpen onderzocht worden. Gemeenteraad en inwoners kunnen hiervoor suggesties aandragen.
  • Alle onderzoeksrapporten komen in de bibliotheek van de Vereniging van Rekenkamers.
  • Wilt u meer weten over het werk van de Rekenkamer? Kijkt u dan naar de animatie(Verwijst naar een externe website) van de Vereniging van Rekenkamers.
Direct naar alle onderzoeksrapporten (Verwijst naar een externe website) Neem contact op met de Rekenkamer (Verwijst naar een e-mailadres)

Onderzoeken van de Rekenkamer zijn gewoonlijk evaluaties van beleid: ze kijken terug in de tijd om te leren voor de toekomst. De Rekenkamer onderzoekt doorgaans geen incidenten, maar evalueert beleid over een langere periode.

Onderzoeken kunnen betrekking hebben alle gemeentelijke beleidsterreinen en op de bedrijfsvoering van de gemeente. De Rekenkamer bepaalt zelf welke onderwerpen onderzocht worden. Gemeenteraad en inwoners kunnen hiervoor suggesties aandragen bij de secretaris. De Rekenkamer beoordeelt of binnengekomen suggesties geschikt zijn voor een Rekenkameronderzoek. Als dat het geval is, worden de suggesties betrokken bij het opstellen van het jaarlijks onderzoeksplan, dan wel eerder opgepakt als daar aanleiding voor is. Per jaar kan de Rekenkamer circa twee onderzoeken uitvoeren.

De laatste vier jaar zijn de volgende rapporten uitgebracht:

U vindt alle rapporten - en beknopte 5-minutenversies - terug in de bibliotheek van de Vereniging van Rekenkamers(Verwijst naar een externe website). Kunt u iets niet vinden? Neem dan contact op met de secretaris van de Rekenkamer.

De inrichting en werkwijze van de Rekenkamer zijn vastgelegd in de Verordening op de Rekenkamer Ede en zijn verder uitgewerkt in het Reglement van orde. Hier vindt de Verordening op de Rekenkamer Ede:

Het Reglement van orde leest u in de volgende paragraaf.

De gemeente Ede beschikt over een Rekenkamer op grond van artikel 81 van de Gemeentewet. De taak, positie en werkwijze van de Rekenkamer worden uitgewerkt in de Verordening op de Rekenkamer Ede. Op grond van artikel 81i van de Gemeentewet dient de Rekenkamer ook te beschikken over een Reglement van orde voor haar werkzaamheden. Met dit Reglement van orde wordt uitvoering gegeven aan deze wettelijke verplichting. Het Reglement is een nadere uitwerking van de Verordening, met name voor wat betreft de uitvoering van onderzoeken.

Taak, doelgroepen, positie en visie van de Rekenkamer

  • De Rekenkamer toetst het door het gemeentebestuur gevoerde beleid op doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid op grond van artikel 182 van de Gemeentewet.
  • De Rekenkamer toetst het door het gemeentebestuur gevoerde beleid op doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid op grond van artikel 182 van de Gemeentewet.
  • De belangrijkste doelgroep van de Rekenkamer is de gemeenteraad van Ede. Verder wil de Rekenkamer voor inwoners, ondernemingen en maatschappelijke organisaties van
    gemeente Ede zichtbaar maken of publieke gelden efficiënt, effectief en rechtmatig worden besteed en wat het resultaat is van de beleidsvoornemens van het gemeentebestuur. Ook het college, het ambtelijke apparaat en andere rekenkamers kunnen profiteren van de werkzaamheden van de Rekenkamer.
  • De Rekenkamer heeft een onafhankelijke positie binnen de gemeente: de Rekenkamer is er voor de raad, maar is niet van de raad. De Rekenkamer bepaalt zelf welke onderwerpen
    worden onderzocht, hoe het onderzoek wordt ingericht en hoe er wordt gerapporteerd en beschikt over een eigen budget.
  • De Rekenkamer beoogt met haar onderzoeken een leereffect te bereiken voor de toekomst en zo een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van het bestuur van de gemeente
    Ede en de controlerende rol van de gemeenteraad te versterken.
  • De belangrijkste doelgroep van de Rekenkamer is de gemeenteraad van Ede. Verder wil de Rekenkamer voor inwoners, ondernemingen en maatschappelijke organisaties van
    gemeente Ede zichtbaar maken of publieke gelden efficiënt, effectief en rechtmatig worden besteed en wat het resultaat is van de beleidsvoornemens van het gemeentebestuur. Ook het college, het ambtelijke apparaat en andere rekenkamers kunnen profiteren van de werkzaamheden van de Rekenkamer.
  • De Rekenkamer heeft een onafhankelijke positie binnen de gemeente: de Rekenkamer is er voor de raad, maar is niet van de raad. De Rekenkamer bepaalt zelf welke onderwerpen
    worden onderzocht, hoe het onderzoek wordt ingericht en hoe er wordt gerapporteerd en beschikt over een eigen budget.
  • De Rekenkamer beoogt met haar onderzoeken een leereffect te bereiken voor de toekomst en zo een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van het bestuur van de gemeente
    Ede en de controlerende rol van de gemeenteraad te versterken. 

Vergaderingen en besluitvorming

  • De Rekenkamer vergadert in de regel een keer per maand.
  • De secretaris stelt de conceptagenda voor de vergadering op in overleg met de voorzitter en zorgt ervoor dat de leden tijdig over de vergaderstukken beschikken.
  • De besluiten van de Rekenkamer worden bij meerderheid van stemmen genomen, mits minimaal drie leden (digitaal) aanwezig zijn. Bij staking van de stemmen beslist de voorzitter. Besluitvorming kan ook schriftelijk plaatsvinden.
  • Bij afwezigheid van de voorzitter zit één van de leden de vergadering voor.
  • De Rekenkamer vergadert in beslotenheid.
  • De secretaris maakt van de vergadering een beknopt verslag.

Uitgangspunten voor onderzoek

  • De Rekenkamer hanteert bij haar onderzoek de volgende uitgangspunten:

a. Het verzamelen van feiten vindt op zorgvuldige wijze plaats, met inachtneming van betrouwbaarheid, volledigheid en nauwkeurigheid van de onderzoeksgegevens;

b. Feiten worden los van persoonlijk inzicht en zonder waardeoordeel, op objectieve wijze verzameld en geanalyseerd;

c. Feiten worden beoordeeld en inzichtelijk geanalyseerd op basis van een expliciet normenkader (transparante oordeelsvorming).

Onderwerpselectie 

  • De Rekenkamer beslist onafhankelijk over de onderwerpen waarnaar zij onderzoek doet.
  • De Rekenkamer betrekt in haar afwegingen de wensen en thema’s die leven bij raadsfracties, in het lokale bestuur en bij andere rekenkamers, en onderzoeksideeën die
    worden aangedragen door inwoners.
  • De Rekenkamer hanteert bij de selectie van de onderzoeksonderwerpen de volgende criteria:

a. De maatschappelijke relevantie van het onderwerp;

b. De mate van risicogevoeligheid van het onderwerp;

c. Het financiële belang dat met het onderwerp is gemoeid.

  • Naast de bovenstaande selectiecriteria houdt de Rekenkamer bij de beoordeling van onderzoeksideeën ook rekening met andere aandachtspunten, zoals de lengte van de
    beleidsperiode, het leren voor de toekomst, een evenwichtige verdeling van het onderzoeken over de organisatieonderdelen en beleidsterreinen, de mate waarin het
    onderwerp door de fracties gesteund wordt en de mate waarin een aangedragen onderwerp zich leent voor een rekenkameronderzoek.
  • De voorzitter van de Rekenkamer neemt daarnaast deel aan de bijeenkomsten van de auditcommissie, ten behoeve van de afstemming over onderzoeksonderwerpen.
  • De Rekenkamer motiveert - in haar jaarplan en de opzet van het onderzoek - waarom zij naar een bepaald onderwerp onderzoek doet. 

Onderzoeksopzet

  • De onderzoeksopzet bevat in elk geval de aanleiding en het doel van het onderzoek, de centrale vraagstelling en de deelvragen, het normenkader, een afbakening van het
    onderzoek, de onderzoeksmethoden en een planning.
  • De onderzoeksopzet wordt ter kennisneming aan de gemeenteraad en het college toegezonden.
  • De onderzoeksopzet wordt bij het begin van het onderzoek toegelicht in een gesprek met de gemeentesecretaris.

Uitvoering onderzoek

  • Bij de start van het onderzoek worden één of meer leden van de Rekenkamer aangewezen als primaathouder van het onderzoek.
  • De primaathouders zijn actief betrokken bij het onderzoek, sturen dit aan, informeren de Rekenkamerleden regelmatig over de voortgang en fungeren als klankbord voor de
    secretaris.
  • De secretaris is verantwoordelijk voor de dagelijkse voortgang van het onderzoek.
  • Onderzoeken kunnen worden uitgevoerd door de secretaris/onderzoeker of door externe onderzoeksbureaus.
  • Bij een interview is zoveel mogelijk een primaathouder aanwezig; daarnaast kan een secretaris/onderzoeker aanwezig zijn, al dan niet ter vervanging van een primaathouder.
  • Van ieder interview wordt een verslag gemaakt, dat altijd ter goedkeuring aan de geïnterviewde voorgelegd wordt.
  • Tijdens het onderzoek vindt er zo nodig werkoverleg plaats tussen de onderzoeker en de primaathouders.

Samenwerking met externe onderzoeksbureaus

  • Wanneer de Rekenkamer besluit om een onderzoek uit te besteden, vindt dit plaats op grond van het inkoopbeleid van de gemeente Ede.
  • Een onderzoeksbureau mag direct voorafgaand of gedurende het rekenkameronderzoek geen andere activiteiten voor de gemeente Ede verrichten. Dit verbod geldt tot het moment dat de raad een besluit heeft genomen over het desbetreffende onderzoek. Het onderzoeksbureau mag ook geen advies of onderzoek op het betreffende onderzoeksterrein hebben gedaan in de periode waar het onderzoek zich op richt.
  • Selectie van onderzoeksbureaus vindt plaats op basis van prijs én kwaliteit.
  • Opdrachtverlening vindt plaats op basis van de algemene inkoopvoorwaarden van de gemeente Ede.

Ambtelijk en bestuurlijk wederhoor

  • De Rekenkamer draagt zorg voor de toepassing van het beginsel van hoor en wederhoor. Er wordt onderscheid gemaakt tussen een technische reactie en een bestuurlijke reactie.
  • Bij het ambtelijke wederhoor biedt de Rekenkamer betrokkenen de mogelijkheid de Nota van Bevindingen te controleren op feitelijke onjuistheden. De Rekenkamer verwerkt op voorstel van de onderzoekers gebleken feitelijke onjuistheden in de Nota.
  • Vervolgens wordt het definitieve rapport opgesteld inclusief Bestuurlijke Nota met conclusies en aanbevelingen. Dit rapport wordt in het kader van bestuurlijk wederhoor
    aan het college van B en W voorgelegd voor een reactie.
  • Naar aanleiding van de bestuurlijke reactie stelt de Rekenkamer gewoonlijk een nawoord op. De bestuurlijke reactie met het nawoord van de Rekenkamer wordt opgenomen in
    het eindrapport.

Rapportage

  • Elk rapport bevat een verantwoording over de wijze waarop de Rekenkamer het onderzoek heeft verricht. In de rapportage wordt onderscheid gemaakt tussen normen 
    (criteria), bevindingen, conclusies en aanbevelingen. Wanneer in de tekst wordt gerefereerd aan een bepaald document of een gesprek, dan wordt deze bron vermeld.
  • De Rekenkamer is eindverantwoordelijk voor de inhoud van het rapport. Het rapport is herkenbaar als Rekenkamerrapport en de Rekenkamer formuleert zelf haar conclusies en
    aanbevelingen.
  • Het eindrapport wordt aangeboden aan de gemeenteraad, met het college in afschrift.

Communicatie

  • De primaathouders van het onderzoek en/of het externe onderzoeksbureau presenteren de onderzoeksresultaten tijdens een informatieve bijeenkomst aan de gemeenteraad.
  • De Rekenkamer verstuurt normaliter tegelijkertijd met het uitbrengen van het onderzoeksrapport een persbericht. Dit wordt pas aan de pers verzonden, nadat het rapport aan de raad én het college is aangeboden.
  • De voorzitter onderhoudt, al dan niet via de secretaris/onderzoekers, de externe contacten, tenzij anders is besloten.

Archivering en openbaarheid

  • De Rekenkamer houdt zich bij de bewaring van haar dossiers aan de termijnen uit de Archiefwet.
  • Het onderzoeksrapport wordt gepubliceerd op de website van de Rekenkamer, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om hiervan af te wijken.
  • De overige dossiers van de Rekenkamer worden niet actief gepubliceerd.

Evaluatie en doorwerking

  • De Rekenkamer evalueert ieder rekenkameronderzoek intern.
  • Daarnaast evalueert de Rekenkamer regelmatig haar eigen werkwijze.
  • Met het oog op haar effectiviteit volgt de Rekenkamer de doorwerking van haar onderzoeken.

Jaarlijks publiceert de Rekenkamer haar jaarverslag over het afgelopen jaar en een onderzoeksplan voor het komende jaar. Hieronder vindt u een deel van de inhoud van het Jaarverslag 2025(Verwijst naar een externe website). Eerdere jaarverslagen en onderzoeksplannen kunt u per e-mail(Verwijst naar een e-mailadres) opvragen bij de secretaris van de Rekenkamer.

Over het jaarverslag

De Rekenkamer Ede onderzoekt de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur. Dit houdt in dat zij elk jaar voor een aantal onderwerpen nagaat of de gemeente de afgesproken beleidsdoelen heeft gehaald, of dat op een efficiënte manier gebeurt en of de gemeente daarbij voldoet aan de wet- en regelgeving.

Onderzoeken

Minimabeleid (afgerond)

In 2025 heeft de Rekenkamer gewerkt aan een (in 2024 gestart) onderzoek naar de doeltreffendheid van het minimabeleid, nadat de raadsleden prioriteit hadden gegeven aan het onderwerp armoede. Het onderzoek besteedde extra aandacht aan ervaring met de regelingen van inwoners. De belangrijkste bevindingen waren dat regelingen weinig gebruikt worden door mensen die niet al bij de gemeente in beeld zijn. Daarnaast werd geconcludeerd dat wanneer een groter bereik gewenst is, de bekendheid vergroot moet worden. Ook de toegankelijkheid bleek niet voor iedereen goed. Om dit op te lossen zou een meer persoonlijke aanpak of maatwerk kunnen helpen. Het rapport en de aanbevelingen zijn in oktober 2025 behandeld door de raad.

Ondermijning (afgerond)

In 2025 heeft de Rekenkamer verder gewerkt aan het in 2024 gestarte onderzoek naar ondermijning. Dit onderwerp heeft groot maatschappelijke belang, en het huidige Integraal veiligheidsplan 2023-2026 loopt af. Een goed moment voor reflectie op het resultaat van de extra middelen die de raad beschikbaar stelde. De belangrijkste bevinding is dat Ede goed bezig is, maar dat er qua capaciteit en beschikbaarheid van mensen knelpunten zijn. Extra middelen blijven belangrijk voor een goede aanpak. De raad heeft het rapport en de aanbevelingen begin 2026 behandeld.

Doorwerking (gestart)

Na de zomer is de Rekenkamer gestart met een onderzoek naar de doorwerking van eerdere rapporten. De Rekenkamer wil graag weten hoe de aanbevelingen geland zijn in beleid en uitvoering, of deze zijn opgevolgd, en welk effect ze hebben gehad. Met de uitkomsten wil de Rekenkamer de raad en het college aanbevelingen doen voor goede opvolging. Daarvoor worden er gesprekken gevoerd met betrokkenen in de organisatie, college en gemeenteraad. De Rekenkamer gebruikt dit onderzoek ook om te leren hoe zij zelf kan bijdragen aan een betere doorwerking van aanbevelingen.

Vooruitblik 2026

In januari 2026 is Stijn van Hooff gestart als nieuw lid van de Rekenkamer, na benoeming door de raad. In 2026 zal de Rekenkamer het onderzoek naar doorwerking afronden en wordt gestart met een onderzoek naar sturing op Verbonden partijen. De Rekenkamer heeft dit onderwerp gekozen omdat zij de indruk heeft dat het voor de raad lastig kan zijn om grip te krijgen en mee te sturen op de kaders en taak-uitvoering van de verbonden partijen. Met het resultaat wil de Rekenkamer de nieuwe raad handvatten geven om zijn taak te kunnen vervullen. In de tweede helft van 2026 wil de Rekenkamer weer een workshop organiseren met de raad zodat de raad input kan geven voor de nieuwe onderzoeksagenda.

Financieel overzicht 2025

Er is sprake van een onderbesteding van ruim € 29.000 t.o.v. de begroting. Dat komt met name doordat de kosten voor het onderzoek lager zijn geweest dan begroot. Het onderzoek dat in 2025 is gestart, wordt uitgevoerd door de secretaris-onderzoeker en neemt dus minder kosten met zich mee. Daarnaast is niet het volledige budget voor de leden benut.

Scroll de tabel horizontaal om meer te zien
Begrotingspost Budget € Realisatie € Resultaat €
Kosten onderzoek 68.684 51.244 17.440
Salariskosten (ondersteuning) 111.348 104.231 7.117
Vergoeding leden (incl. reiskosten) 30.627 24.246 6.381
Overige (scholing, lidmaatschap, activiteiten, representatie) 2.149 1.758 391
Totaal 210.659 181.480 29.179

De Rekenkamer heeft een onafhankelijke positie binnen de gemeente. In de Rekenkamer zitten vijf externe leden en een ambtelijk secretaris. De gemeenteraad benoemt de leden voor zes jaar. Ze kunnen eenmaal worden herbenoemd voor opnieuw zes jaar.

De Rekenkamer bestaat op dit moment uit de volgende leden:

De secretaris van de Rekenkamer is Esther de Wit-de Vries.

Met het oog op artikel 81e van de Gemeentewet volgt hieronder een overzicht van de bezoldigde en onbezoldigde functies van de leden van de Rekenkamer Ede:

Michel Bergshoef (voorzitter)

  • Directeur/eigenaar, Bergshoef BMA (bezoldigd)
  • Lid Rekenkamer Elburg, Nunspeet, Oldebroek, Putten, Hattem (bezoldigd)

Ine van de Vlierd

  • Strategisch financieel adviseur, Gemeente Veenendaal (bezoldigd)

Martijn Bakker

  • Coördinerend beleidsadviseur, Ministerie van Justitie en Veiligheid (bezoldigd) (tot 30 november 2025)
  • Senior beleidsmedewerker, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (bezoldigd) (vanaf 1 december 2025)
  • Voorzitter rekenkamer, Gemeente Stichtse Vecht (bezoldigd)
  • Lid rekenkamer, Waterschap Zuiderzeeland (bezoldigd)
  • Lid rekenkamer, Waterschap Vallei en Veluwe (bezoldigd)
  • Commissielid, P.v.d.A. Hilversum (bezoldigd)

Jenneke de Gooijer

  • Senior juridisch adviseur, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (bezoldigd)
  • Secretaris groepsbestuur Scouting Lunteren (onbezoldigd)

Stijn van Hooff

  • Hoofd afdeling Onderzoek en Beleidsadvies, Commissariaat voor de Media, Hilversum (bezoldigd)